Mijn burn-out verhaal. Over gemiste signalen.

De schaamte voorbij

Enkele jaren geleden was het mijn beurt, de diagnose burn-out. Ik was fysiek, emotioneel en mentaal uitgeput. Het is een fenomeen dat ik voordien nooit goed begrepen heb tot het mezelf overkwam.

Ik heb reeds meermaals gedacht om mijn burn-out verhaal te delen, maar nooit de moed gevonden om het te doen. De reden dat ik het toch doe is niet om medelijden te wekken, wel om anderen te helpen die in dezelfde situatie zitten en hen informatie aan te bieden. Een hart onder de riem te steken en mee te geven dat ze niet alleen zijn. Alsook voor mensen die iemand kennen in hun omgeving met een burn-out en die graag wat meer inzicht willen krijgen in de beleving van iemand in deze situatie.

Het voelt best wel ‘bloot’ aan om dit te delen om eerlijk te zijn, maar Brené Brown heeft me, met haar pleidooi voor meer kwetsbaarheid, moed ingesproken. Dus hier gaan we dan.

In dit artikel vertel ik je hoe de maanden voordat ik uit viel van het werk verlopen zijn. Welke de signalen waren die ik volledig gemist heb, welke klachten ik had en welke mijn beleving was.


De pauzeknop

De dokter zei me: ‘Je hebt een burn-out, je moet een paar maanden rust nemen’. ‘Wat?’ Zei ik paniekerig. ‘Daar heb ik helemaal geen tijd voor.’ Toen ik mezelf die uitspraak hoorde doen begreep ik zelf niet wat ik ermee bedoelde. ‘Wat bedoel je?’ vroeg hij dan. Weet ik veel wat me die tijdsdruk gaf. Het was mijn eerste gedachte die ik er gewoon spontaan uitflapte. Maar ze sloeg inderdaad nergens op.

Ik voelde me goed in mijn toenmalige job als project coördinator. Ons project liep naar de eindfase toe, wat voor mij de meest spannende en boeiende fase leek. Het is als de climax waar je al die maanden met het hele team aan gewerkt hebt en wat ik zeker niet wou missen. Ik ontdekte kwaliteiten van me die nog niet kende en voelde, ondanks de grootte van het project, geen overdreven druk. Een aantal jaren voordien zat in in een job die wel veel mentale energie van me gevraagd heeft.

Een klein jaar voordien was mijn relatie beëindigd en ben ik een aantal keer verhuisd op korte tijd alvorens in mijn eigen stekje te kunnen nestelen.

Op zich liepen er geen grote dingen fout in mijn leven maar achteraf bekeken kon ik wel zien dat er heel veel signalen waren die aangaven dat er toch iets niet ok was.


Gemiste signalen

Een half jaar voor ik thuis zat was ik al eens bij de dokter langsgeweest. Ik voelde me futloos, leeg, alsof je een zware griep hebt maar dan zonder griep. Alsof er een olifant achter me hing die me moeite nog vooruit deed komen. Ik heb mijn bloed laten testen op tekorten, waarop de dokter zei dat alles ok was. Mijn ijzer stond wat laag maar niet onder de grens. Dus wat ijzerpilletjes, een weekje rusten en we konden er weer tegenaan. De maanden die erop volgden werd ik steeds meer en meer moe maar dat voelde ik niet meer.

Onrealistische doelstellingen

Op verschillende vlakken ben ik mezelf hoge doelstellingen gaan stellen en streefde ik naar perfectie. Alles moest zoveel en zo goed mogelijk gedaan worden.


Niet treuren

Na mijn relatiebreuk liet ik me niet toe om hierover te treuren. Niet dat ik dat doorhad, dat was één van mijn overlevingsstrategieën. ‘Hop, het leven gaat verder, ‘niet blijven plakken in het verleden’. ‘Sterk blijven en je emoties onder controle houden’. Al het emotionele werd begraven.


Nog een koffietje

Op het werk werd het moeilijker en moeilijker om volle dagen te werken. Ik had het gevoel dat ik van mijn stoel kon vallen van vermoeidheid. Wanneer iedereen op middagpauze was had ik regelmatig de gedachte om even onder mijn bureau te gaan liggen. ‘Gewoon even maar, vijf minuutjes slapen’, dacht ik. Dat dit niet normaal was besefte ik niet. Ik ging gewoon wat koud water op mijn gezicht gooien, een koffietje halen, nog wat suiker uit de snoepkast en we konden weer een uur verder.

Ik kon me niet meer concentreren op bepaalde taken. De handleiding die ik aan het schrijven was vlotte niet echt. Volzinnen schrijven lukte me niet meer.

Mijn perfectionistisch gedrag sloeg door in absurd gedrag. Telkens ik mijn Excel files opende begon ik de kleuren van de titels opnieuw aan te passen, want het was toch nog niet zo perfect. Onze gedeelde werkfiles waarin andere collega’s elke cel met een kleine letter opende ging ik verbeteren naar een hoofdletter, want dat was een esthetische ramp.

Tegenover mijn collega’s (en thuis) was ik kortaf en ongeduldig. Ik was enorm prikkelbaar en snel geïrriteerd. Alhoewel ik dacht dat het aan de anderen lag.


Iets te strakke sportplanning

Mijn (ideale) sportplanning die ik voor mezelf opgesteld had was best strak, of beter gezegd totaal onrealistisch. Ik deed verschillende sporten graag, en wou ze allemaal minimum 3 maal per week beoefenen. ‘Aangezien het gezond is en je anders niets opbouwt’, dacht ik. Als je telt dat er maar zeven dagen in een week zijn had ik al langere weken nodig. Ik kon het programma ook helemaal niet in praktijk brengen, mijn lichaam was al totaal oververmoeid op dat moment, maar ik legde mezelf wel die druk op.

Ik begon aan de ‘zeven-minuten-dutjes’, de tijd dat er overbleef in mijn dagschema tussen het werk, eten en avondactiviteiten. Die gaven me weer wat extra energie om even verder te gaan.


Mijn sociaal leven

Daarnaast zag ik ook nog graag zoveel mogelijk mijn vrienden, want dat is altijd fijn natuurlijk. Mijn uitgaansavonden daarentegen werden steeds korter. Tegen middernacht lag ik in slaap en na twee glazen wijn had ik een gigantische kater de dag nadien.

Ik begon activiteiten waarbij ik de auto moest nemen te vermijden. Een begrafenis van een collega haar moeder, op een half uur rijden en met veel mensen, voelde volledig buiten mijn comfortzone aan. Onbewust had ik bang dat ik in slaap ging vallen denk ik, maar ook dat drong uiteraard niet door.


Vliegen

Eén van mijn hobbies was parapenten, wat ik graag zoveel wou mogelijk beoefenen. Zo gaat dat dan met een passie. Ik had het brillante idee om al mijn verlof in aparte weken op te splitsen zodat ik veel kon gaan vliegen. Dat verlof begon ook op het moment dat ik vanop het werk vertrok, tot de avond voor ik terug begon. ‘Je valies maken en uitpakken tijdens je vakantiedagen zijn verloren vakantie-uren en dat doe je buiten je verlofperiode.’ Na een actieve week vol adrenaline ging ik dan terug aan het werk. Op zich niet zoveel mis mee, maar mijn lichaam en geest hadden op dat moment behoefte aan rust.

Tegen het einde merkte ik dat het vliegen me niet zo lekker meer ging. Ik kon niet benoemen wat er gebeurde in mijn lichaam, maar het ging gewoon niet. Nadien besefte ik dat ik zo stijf stond van de stress en er angstig van werd. Als je ergens boven in de lucht hangt is dat uiteraard niet wat je wil voelen.


Lichamelijke klachten

Ik sliep al jaren niet goed door en dit werd alleen maar erger. Te vroeg wakker worden werd ook moeilijk kunnen inslapen en vermoeid opstaan. Ik had last van hoofdpijn, nekpijn en uitslag op mijn hoofdhuid.


Gaan als superwoman

Mijn lichaam heeft me zoveel signalen gestuurd dat het rust nodig had maar het was alsof mijn lichaam en geest van elkaar afgesplitst waren. Er was geen communicatie meer tussen beide en ik bleef maar door duwen.

Ik was aan het gaan, tegen 200 km/u. Ik voelde me superwoman, alles leek onder controle en gesmeerd te lopen.

Iemand die even op de pauze knop kwam duwen en zei dat ik een paar maanden moest thuis blijven paste niet echt in mijn schema.


Het gaat niet

De dag dat ik begon te merken dat er iets mis was, was toen ik last kreeg van angstklachten. Hoewel, ook dat kon ik niet benoemen. Ik voelde niet dat het angst was. Ik kon enkel zeggen dat het niet ging. ‘Wat is er dan’ vraagt een collega me. ‘Geen idee’, zei ik. ‘Het gaat gewoon niet.’

Van alle klachten was dit het enige signaal wat me de controle deed verliezen. Het was zo beangstigend om dit te voelen. Ik ben op mijn werk in huilen uitgebarsten en opnieuw in de wachtzaal bij de dokter gaan zitten.


Lichtjes overprikkeld

Thuis zitten heeft me in het begin niet onmiddellijk geholpen. Ik zat nog in die sneltrein. Een paar weken lang bleef ik achteruit gaan. Ik kon geen mentale rust vinden, de nachten werden korter en het piekeren en de angstklachten werder erger. Mijn gedachten gingen zo snel dat ik op een bepaald moment dacht dat ik gek aan het worden was. Ik voelde me benauwd en kreeg bang van de stomste dingen; met de auto rijden, openbaar vervoer nemen, naar drukke plaatsen gaan. Alles leek een bedreiging en deed me in het zweet uitbarsten. Ik was volledig overprikkeld. Het geluid van de televisie sneed door mijn hoofd, het licht scheen liefst niet in mijn ogen en van lawaai werd ik gewoon knetter.


Aan de hoogspanning

Ik had geen idee wat me overkwam en was aan het vechten om zo snel mogelijk uit deze situatie te geraken. Maar hoe harder ik vechtte, hoe dieper ik me in de afgrond voelde zakken.

Wat begon als een paar weken doktersvoorschrift werden een paar maanden. Het enige verschil met voordien was dat ik opnieuw kon ‘voelen’, hoewel dit niet onmiddellijk de emoties waren die ik graag voelde. Na het bezoek bij mijn dokter, waar hij zei dat dit een paar maanden zal duren, voelde ik pas hoeveel spanning er in mijn lichaam zat. Alsof ik aan de hoogspanningskabels hing.


Meegaan met de stroom

Pas toen ik ophielp met vechten en mijn situatie begon te accepteren begon ik stappen vooruit te zetten. ‘Soms is er niets anders dan je kan doen dan je te laten meegaan met de stroom en erop te vertrouwen dat alles goed komt.’ (Deze uitspraak las ik rond die periode in een magazine. Het sprak me heel hard aan omdat het me de situatie waarin ik zat beter deed begrijpen.)

Een ex-collega, die in dezelfde situatie gezeten heeft, gaf me met een eenvoudige zin zoveel moed. ‘Dit gaat over, zei ze, geloof me.’ Dat was voldoende op dat moment.

In het volgende artikel lees je meer over hoe de volgende maanden verlopen zijn. Welke stappen ik gezet heb in mijn genezingsproces.

6 replies
  1. Evelien
    Evelien says:

    Leuk lezen, fijn geschreven. Allemaal pijnlijk herkenbaar helaas. Benieuwd naar je volgende post! #sayitoutloud ;)

    Reply
    • Janna Stroobants
      Janna Stroobants says:

      Hoi Evelien,
      dankjewel. Jammer genoeg inderdaad herkenbaar voor velen. Door het delen kunnen we alvast een stuk schaamte en taboe oplichten errond.

      Reply
  2. Tim
    Tim says:

    Janna ,
    Zo puur, bedankt om dit te delen!
    Keimoedig van je…
    Hopelijk ben je er goed doorheengekomen nu…
    Tim

    Reply

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *